zondag 14 september 2014

Hoe we realiteit creëren


 


Op de website mensenrechten.org las ik een boeiend artikel over stressvolle gedachten. 

Ik vind het altijd fascinerend om te kijken naar wat dingen nou eigenlijk ZIJN. Dus ook naar wat stressvolle gedachten nou eigenlijk zijn.  

Alle stressvolle gedachten, zijn gedachten over de onvolmaaktheid van iets. Een gedachte over iets dat "niet in orde" zou zijn. Alleen als we denken dat iets niet in orde is, hebben we een stressvolle gedachte. En dat leidt tot gedachten dat de wereld anders zou moeten zijn dan deze is. En tot pogingen die wereld te veranderen. Zodat die wereld wel wordt zoals we denken of wensen dat hij zou moeten zijn. 

Die stressvolle gedachten zijn dus allemaal gericht op onze beleving van de realiteit. Op het afwijzen/veroordelen van die realiteit en het verlangen naar een betere realiteit. Het lijkt alsof die onprettige realiteit ons "overkomt".   

Maar die realiteit is door onszelf gecreëerd. Die onvolmaakte realiteit, is een rechtstreeks gevolg van onze gedachten. Op basis daarvan, hebben we hem gebouwd.  

Wanneer die gedachten, gedachten waren over onvolmaaktheid (gedachten dat dingen "niet in orde" zijn), dan zal daar een realiteit uit ontstaan die deze onvolmaaktheid in zich heeft. Een realiteit die we zelf gebouwd hebben, gedreven door onze gedachten.  

Die onvolmaaktheid merken we vervolgens op, en dan zeggen we: "Zie je wel! Het is WERKELIJK onvolmaakt/niet in orde!" En zo is het kringetje rond. 

Een voorbeeld van een realiteit die de meeste mensen als onvolmaakt/niet in orde beleven, is oorlog. Door naar het verschijnsel oorlog te kijken, zie je dat het een volmaakt gevolg is van een gedachte over onvolmaaktheid. De gedachte achter oorlog, is een gedachte over de onvolmaaktheid van mensen.  

Die gedachte is: mensen zijn in potentie kwaadaardig (een onvolmaaktheid dus)

De daaruit volgende emotie is: angst voor mensen.

Het daaruit volgende handelen is: ons ertegen bewapenen, over en weer.

De daaruit volgende realiteit is: oorlog.

De daaruit volgende bevestiging is: Zie je wel! Mensen zijn kwaadaardig want ze schieten elkaar dood! 
 
 

De onvolmaakte realiteit die oorlog heet, is een volmaakt gevolg van de gedachte dat mensen onvolmaakt zijn, en die oorlog (die realiteit) bevestigt dat.*

Nog een voorbeeld*:

Gedachte: we kunnen niet leven zonder geld (gedachte over onvolmaaktheid/ontoereikendheid)

Emotie: angst voor tekort, of hebzucht (wat hetzelfde is)

Handelen: voor alles geld vragen

Realiteit: voor alles geld moeten betalen

Bevestiging: zie je wel! we kunnen niet leven zonder geld

Stressvolle gedachten (gedachten over onvolmaaktheid) leveren zo een stressvolle realiteit op die de stressvolle gedachten bevestigt. Dit mechanisme houdt zichzelf dus in stand. Dit is de enige reden waarom verandering zo moeizaam is. 

De enige manier om uit dit kringetje te stappen, is de aandacht niet te langer te richten op de door onszelf gemaakte onvolmaakte realiteit, maar op het mechanisme dat tussen ons denken en het resultaat ligt. Het mechanisme dat altijd een gevolg oplevert dat volmaakt beantwoordt aan de gedachte die we erin gestopt hebben.  

Dat mechanisme is dus WEL volmaakt. Het besef hiervan, betekent dat we de vrijheid hebben om erin te stoppen wat we maar willen, en dat we daarmee een realiteit kunnen creëren die we maar willen. 

Door onze aandacht niet langer te richten op de onvolmaakte realiteit (oorlog bijv.), maar op het volmaakte mechanisme (de natuurwet) dat tussen onze gedachte en die realiteit ligt, zien we dat we een volmaakt gereedschap ter beschikking hebben waarmee we kunnen doen wat we maar willen en waarmee we een realiteit kunnen creëren die we maar willen.  

We hebben onze aandacht dan veel minder op WAT we gecreëerd hebben (het product van onze gedachte: de realiteit die ons leek te "overkomen") en veel meer op HOE we creëren. En dus ook HOE we iets anders kunnen creëren.

Anders gezegd: als we inzien dat wij een realiteit kunnen creëren die we als niet-in-orde beleven en hoe we dat doen, dan kunnen we, gebruik makend van hetzelfde tussenliggende (volmaakte) mechanisme, ook een realiteit creëren die we wel in orde vinden. Het betekent dat we in staat worden om verantwoordelijkheid te nemen voor het hetgeen we creëren. En dat is vrijheid. 

Inzicht over de volmaaktheid van dat mechanisme, is een gedachte over volmaaktheid. Het zien, waarderen en gebruiken van deze volmaaktheid, zal dan ook leiden tot een realiteit die deze gedachte in zich heeft. En zo kunnen we ons creërende vermogen aanwenden om een realiteit te maken die wel naar onze zin is. Die we wel als "in orde" beleven. Waarvan we ook zullen zeggen: "Zie je wel! onze gedachte klopte!" En zo is ook dat kringetje rond. 
 
 

*Dit zijn voorbeelden van een collectieve gedachte en een daaruit voortvloeiende collectieve realiteit (oorlog/afhankelijkheid van geld). Individueel werkt het mechanisme ook zo. Op precies dezelfde manier. Ook individueel leidt een gedachte, via emotie en handelen, tot (beleefde) realiteit en die realiteit bevestigt de initiële gedachte waaruit hij is voortgekomen. 

Het is de cyclus van creatie (en behoud) van realiteit, zoals aangegeven is in het plaatje hierboven. Ik geef een paar heel verschillende voorbeelden, maar je kunt het met iedere denkbare gedachte doen:

Gedachte: mensen vinden mij niet aardig
 
Emotie: angst voor afwijzing

Handelen: mensen vermijden

Realiteit: weinig contacten

Bevestiging: Zie je wel! Mensen vinden mij niet aardig!

 

Gedachte: ik ben niet in staat om zelf (goede) beslissingen te nemen en daar verantwoordelijkheid voor te dragen

Emotie: angst voor het nemen van beslissingen en het dragen van verantwoordelijkheid

Handelen: afdragen van die verantwoordelijkheid aan een externe autoriteit

Realiteit: afhankelijk zijn van die externe autoriteit die beslissingen neemt (onvrijheid)

Bevestiging: Zie je wel! Ik ben niet in staat zelf beslissingen te nemen, want ik moet gehoorzamen een de externe autoriteit die daarvoor verantwoordelijk is
 

Maar ook in positieve zin: 
 

Gedachte: ik kan goed koken

Emotie: liefde voor koken

Handelen: koken (en dus erin bekwamen)

Realiteit: lekker eten serveren

Bevestiging: Zie je wel! Ik kan goed koken!

 

Vul zelf een willekeurige gedachte in, en zie hoe het werkt.

 

 

 

donderdag 11 september 2014

Waarheid, geloof en politiek


Veel mensen geloven dat waarheid in hun gedachten zit. In de mentale afbeelding die mensen vormen over de dingen. Maar dat is niet waar waarheid ligt.  

Waarheid ligt in de dingen zelf en niet in onze gedachten (onze mentale afbeelding) daarover. Precies zoals een schilderij van de Eiffeltoren een meer of minder gelijkende afbeelding ervan kan zijn, maar nooit de Eiffeltoren IS.  

De waarheid van een plant, een dier, een mens, een ding of een gebeurtenis, ligt dus besloten in die dingen zelf, in wat ze ZIJN. En niet in onze gedachten erover. Die zijn daar slechts een afbeelding van.
 
De enige waarheid van gedachten, is dat het gedachten ZIJN. Het zegt alleen iets over die gedachten zelf en niets over de waarheid van het onderwerp van die gedachten. Iets blijft, onafhankelijk van hoe of wat we erover denken, gewoon precies wat het IS. Of onze gedachte erover - onze afbeelding ervan - nou gelijkt of niet.
 
Wij bepalen zelf in hoeverre die gedachten een meer of minder gelijkende afbeelding van het onderwerp zijn. We kunnen die gelijkenis alleen vergroten, meer afstemmen op het onderwerp en wat dat IS, door naar het onderwerp zelf te kijken in plaats van naar onze afbeelding ervan.  

Naar onze gedachten over een onderwerp kijken, in plaats van naar het onderwerp zelf, heet geloven.

Naar het onderwerp zelf kijken, heet waarnemen 

Om een mentale afbeelding (een gedachte) zoveel mogelijk overeen te stemmen met wat iets IS, moet je kijken naar dat iets. Dan moet je het waarnemen. Zo maak je kennis met de waarheid van dat iets. Zo geef je jezelf de gelegenheid je afbeelding meer gelijkend te maken met de waarheid van dat iets. Een correcter beeld ervan te vormen.  

Een niet-gelijkende mentale afbeelding van iets, heet een onwaarheid. In tegenstelling tot waarheid, bestaat onwaarheid uitsluitend in onze gedachten. Het is een afbeelding van iets dat in werkelijkheid niet (zo) bestaat. Een onwaarheid is een gedachte over iets, die niet aansluit bij iets dat als zodanig bestaat. Het bestaat alleen zo in onze gedachten en niet daarbuiten.  

Iets dat alleen in onze gedachten bestaat, maar daarbuiten (in werkelijkheid) niet, heet een illusie. Onwaarheid is dus hetzelfde als een illusie. Het bestaat als zodanig alleen in onze gedachten. 

Onwaarheid vertellen is het overbrengen van een illusie. Het is het laten zien van een gedachte over iets dat niet bestaat. Een incorrecte mentale afbeelding.  

Liegen is het opzettelijk overbrengen van een incorrecte mentale afbeelding. Iemand die liegt, doet dat in de hoop dat de ander die afbeelding zal overnemen en deze zal beschouwen als ware het het onderwerp ervan. Als ware het waarheid.  

Wanneer iemand de leugen gelooft, dan neemt hij een (opzettelijk foutieve) mentale afbeelding van de leugenaar over, in de veronderstelling dat het hij naar het onderwerp zelf kijkt. In de veronderstelling dat hij naar waarheid kijkt. Terwijl hij in werkelijkheid uitsluitend naar een mentaal plaatje kijkt.  

Dit laatste doen we voortdurend. Wanneer we op het journaal kijken naar een reportage over een oorlog, dan denken we dat we naar oorlog kijken. Maar dat is niet waarnaar we kijken. We kijken naar een afbeelding van oorlog. Een afbeelding die door iemand gemaakt is. Iemand die gedacht heeft dit te moeten of te willen doen. In de hoop dat wij die afbeelding overnemen en tot onze eigen mentale afbeelding maken. En vervolgens denken dat we naar het onderwerp (oorlog) kijken, in plaats van naar onze afbeelding. Geloven dus. 

Er is dan geen enkele connectie tussen onze afbeelding en die oorlog zelf. Pas wanneer we zelf naar het gebied afreizen en die oorlog zelf waarnemen, ontstaat die connectie. Een connectie tussen onze afbeelding en de waarheid van die oorlog, die in die oorlog zelf besloten ligt.  

Voor die tijd bestaat er geen enkel verband tussen onze mentale afbeelding (onze gedachten over die oorlog) en de waarheid van die oorlog. Het is slechts een losstaande afbeelding waarvan we niet kunnen weten of die gelijkt. Als we desondanks denken waarheid te zien, dan is het een geloof. Meer niet.   

Alles wat mensen doen, doen ze op basis van hetgeen ze denken dat waar is. Zo zullen mensen bijvoorbeeld gerust zijn als ze denken dat de situatie veilig is (ook al is die dat in werkelijkheid niet) en angstig zijn als ze denken dat er gevaar is (ook al is dat er in werkelijkheid niet).  

In dat laatste geval, zullen de meeste mensen iets gaan doen. Iets gaan doen om het gevaar te bezweren. En met dat doen, brengen ze iets tot stand. Daarmee creëren ze iets. En met dat creëren, wordt hetgeen ze creëren realiteit. Dat kan een beschermend bouwwerk zijn, of een wapen. Maar ook de vraag om beschermd te worden door anderen.  

Wanneer het lukt om mensen bang te maken voor een gevaar dat niet werkelijk bestaat, een gevaar dat niet door die mensen zelf is waargenomen, dan is het gelukt om bij hen een (incorrecte) mentale afbeelding te laten ontstaan. Dan geloven die mensen dat er gevaar is. Dan kijken die mensen naar hun mentale afbeelding (hun gedachte) en geloven ze dat ze naar waarheid kijken. Dan geloven ze een leugen.

Wanneer die mensen vervolgens om bescherming vragen tegen dat gevaar, dan kan de leugenaar dat aanbieden. En(!) er iets voor in ruil vragen...  

Bijvoorbeeld geld, vrijheid, of de bereidheid te vechten. En daarom was het de leugenaar te doen. Het was de leugenaar erom te doen, andere mensen een realiteit te laten creëren die naar het profijt van de leugenaar is.  

Dit mechanisme heet politiek. 

Dit mechanisme werkt uiteraard alleen als die mensen bereid zijn om, zonder eigen waarneming, een mentale afbeelding over te nemen; zich een aangeboden gedachte eigen te maken. En bereid zijn om die afbeelding/gedachte niet te beschouwen als een afbeelding (wat het is), maar als waarheid (wat het niet is). Als ze daartoe bereid zijn zonder het onderwerp van die afbeelding, zelf waargenomen te hebben. Als ze kijken naar hun gedachten, in plaats van het onderwerp van hun gedachten. Als ze bereid zijn te geloven dus.  

Politiek kan daarom uitsluitend (voort)bestaan zolang mensen bereid zijn dit te doen.

maandag 1 september 2014

De klusjesman



De bel gaat. U doet open.

'De klusjesman!' roept de man in het blauwe pak, 'Dat is dan 15.000 euro!'
'Hoezo?' vraagt u.
'Hoezo, hoezo...!? Omdat ik het zeg ja! Dat is hoezo!', roept de blauwe man.
'Maar, waarom moet ik u betalen?' vraagt u netjes.
'Voor allerlei klussen die ik voor u ga doen. Dienstverlening, zeg maar'.
'Maar.... welke klussen dan?' vraagt u.
'Ja, dat maak ik wel uit! In ieder geval allemaal nuttige dingen!' blaft de man.
'Hmm, in dat geval bedank ik voor uw aanbod' zegt u.
'Nee nee, u begrijpt het niet! U betaalt mij gewoon, anders stop ik u in een kooi!' dreigt de man. 

De man legt u uit dat hij mensen met vuurwapens in dienst heeft en dat hij bij uw weigering, u onder bedreiging van die wapens zal opsluiten.  

U geeft u gewonnen en betaalt.  

U hoort van uw buurtgenoten dat dezelfde man ook bij hen aan de deur is geweest. Ook zij betaalden de man. U besluit bij elkaar te komen in het buurthuis. 

Er wordt overlegd en er wordt gediscussieerd. De één wil graag een rode klusjesman in plaats van de blauwe, de ander wil een gele. De verschillende meningen buitelen over elkaar. Maar niemand lijkt zich af te vragen of zo'n klusjesman überhaupt wel een goed idee is. Onafhankelijk van de eventuele kwaliteit van zijn werk...  

Uiteindelijk wordt er gestemd en na telling van de stemmen, wordt het de rode klusjesman.  

Na korte tijd staat de nieuwe klusjesman op de stoep.

'Dat is dan 15.000 euro!' roept de rode man, 'En het kan in de loop der tijd meer worden! Of minder, maar dat maak ik wel uit!'
'Maar' zegt u, 'ik dacht....'
'Ja, denken denken!' zegt de man, 'Laat dat maar aan ons over. JULLIE hebben voor mij gekozen!'
'Maar, ik ben het hier niet mee eens' zegt u.
'Dat mag' zegt de rode man, 'Maar u gaat mij gewoon betalen, anders sluit ik u op!'. 

U buigt het hoofd en betaalt.

Gek verhaaltje hè. Toch is dit precies wat er iedere dag met u gebeurt. Uw overheid bepaalt DAT u moet betalen en WAT u moet betalen. Daarnaast bepaalt diezelfde overheid ook welke diensten u ervoor in ruil krijgt (en of u er diensten voor in ruil krijgt). Over al deze zaken hebt u niets te vertellen. U kunt alleen kiezen voor een ander gezicht, een andere kleur. Voor u blijven de voorwaarden hetzelfde: u moet gehoorzamen, anders belandt u, onder bedreiging van geweld, in een kooi.